Als u in het WZA overlijdt, bestaat de kans dat uw arts aan uw nabestaanden vraagt of op uw lichaam obductie (sectie) mag worden verricht. Dit wordt meestal gedaan om de precieze doodsoorzaak vast te stellen, omdat die niet altijd volledig duidelijk is. Zeker als het overlijden onverwacht was. Ook kan een obductie soms een erfelijke aandoening aan het licht brengen. 

Meestal vindt obductie plaats binnen 24 uur na het overlijden. Deze ingreep duurt nooit langer dan een paar uur en doorkruist over het algemeen niet de gebruikelijke gang van zaken rond een begrafenis of crematie.
Na de obductie maakt de patholoog (een arts die weefselonderzoek doet) een verslag dat hij opstuurt naar de arts die de obductie heeft aangevraagd. Dit kan drie maanden duren.

Toestemming

Voordat een obductie mag plaatsvinden, moet uw arts toestemming vragen aan uw nabestaanden. Als deze geen toestemming willen geven, wordt er géén obductie verricht.

Uitzondering

Slechts bij enkele zeldzame ziektes is obductie verplicht. Ook voor een gerechtelijke obductie (bij het vermoeden van een strafbaar feit) is geen toestemming van de familie nodig.