Handtherapie na operatie ziekte van Dupuytren

  • Specialisme of afdeling Revalidatiegeneeskunde
  • Openingstijden
    Maandag t/m vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur
  • Afspraak maken? Vragen? (0592) 32 53 11

In het kort

De ziekte van Dupuytren is een afwijking van het bindweefsel. Meestal begint het met harde, soms pijnlijke knobbels in de handpalm. Na verloop van tijd kunnen uw vingers kromtrekken. Het lukt dan niet meer om uw vingers te strekken. Meestal kan dit met een operatie worden verholpen. 

Na de operatie is het belangrijk dat de wond goed geneest. Dit duurt ongeveer twee weken. U krijgt u een afspraak op het handenspreekuur van de revalidatiearts en de handtherapeut. Zij begeleiden u bij de oefeningen en het soepel houden van het littekenweefsel, zodat u uw hand weer beter kunt bewegen.

Na de operatie

Meestal lukt het om na de operatie uw vingers weer gewoon te strekken. Als de vingers heel lang krom hebben gestaan, zitten ze soms zo vast dat ze niet meer helemaal recht kunnen staan.

Algemene adviezen na de operatie

  • Het verband en de hechtingen blijven zitten tot uw eerste controleafspraak.
  • U mag gewoon douchen, maar zorg er wel voor dat het verband droog blijft.
  • De eerste twee of drie dagen moet u uw arm in een draagdoek dragen, probeer uw vingers echter wel zoveel mogelijk te bewegen.
  • Voor een goede bloedsomloop en om te voorkomen dat uw schouder en elleboog stijf worden, is het belangrijk dat u uw arm af en toe strekt tot boven uw hoofd.

Controleafspraak

Drie tot vijf dagen na de operatie hebt u een afspraak bij de handtherapeut. Het verband wordt dan van uw hand gehaald. Na de operatie is uw hand opgezet, vaak blauwverkleurd en wat stijf.

Goed oefenen

De dagen erna gaat het er vooral om dat uw wond goed geneest. Daarnaast is het belangrijk dat u goed oefent om uw hand weer soepel te maken.

Adviezen zolang u hechtingen hebt

  • U kunt de wond drie keer per dag spoelen onder de kraan. Niet weken en geen zeep gebruiken! 
  • Als de wond dicht is, hoeft er geen pleister of verband op.

Oefeningen

  • Vijf keer per dag oefenen: beweeg uw hand in verschillende standen en doe dit vijf keer achter elkaar.
    Ga minder oefenen als de wond open gaat of wat gaat wijken!
  • Als de hand dik is, houd dan uw hand zoveel mogelijk omhoog.
    Ga af en toe ‘trommelen’ met de vingers.

Rust

Geef uw hand voldoende rust. Ga niet fietsen of autorijden. Gebruik uw hand ook niet bij de dagelijkse bezigheden zoals wassen, aankleden, eten, drinken of computeren.

Verwijderen van de hechtingen

Na ongeveer veertien dagen hebt u een afspraak bij de handtherapeut voor het verwijderen van de hechtingen. Na het verwijderen van de hechtingen mag u uw hand gaan gebruiken bij lichte, dagelijkse activiteiten zoals wassen, aankleden, eten, drinken en computeren.

Adviezen als de wond dicht is

Meestal is de wond na ongeveer veertien dagen dicht. Vanaf dat moment kunt u meer gaan oefenen en uw gewone bezigheden geleidelijk aan weer oppakken.

  • Probeer uw vinger(s) zo recht mogelijk te strekken.
  • Zo nodig wordt hiervoor een spalkje gemaakt, dit kunt u ’s nachts dragen.
  • Probeer een volledige vuist te maken.

U mag weer fietsen en autorijden als u uw hand weer gewoon goed kunt bewegen.

Coördinatie-oefeningen

  • Tip met de duim één voor één de vingertoppen aan.
    Strek daarna alle vingers tegelijk, in wisselend tempo.
  • Oefen met het spreiden en sluiten van de vingers.
  • Probeer zoveel mogelijk muntstukken of knikkers in uw hand te houden, nadat u deze één voor één heeft opgepakt.
  • Oefen met fijne motorische activiteiten zoals schrijven, vastpakken van een glas, het opgooien en vangen van een tennisbal en veters strikken.

Na ongeveer drie weken hebt u een afspraak voor het handenspreekuur van de revalidatiearts en de handtherapeut. Daarna hebt u regelmatig, zo nodig wekelijks, een afspraak met de handtherapeut.

Littekenweefsel soepel houden

Oefeningen

Het is belangrijk dat u doorgaat met oefenen totdat u uw hand weer normaal kunt bewegen. In de eerste weken na de operatie ontstaat littekenweefsel, waardoor u uw hand minder goed kunt bewegen. Door oefeningen te doen houdt u het littekenweefsel soepel.

Masseren

Ook masseren helpt om het littekenweefsel soepel te houden. Wanneer de wond dicht is, kunt u hiermee beginnen. Dit doet u door de duim van uw andere hand dwars op het litteken te zetten en dit vervolgens te masseren.

Vitamine E-crème

Als de wond droog is (en bijna dicht), kunt u deze insmeren met een handcrème, bijvoorbeeld vitamine E-crème.

Littekenpleisters

Als het litteken stug aanvoelt, kunt u in overleg met de handtherapeut littekenpleisters gebruiken. 

Vragen?

Als u nog vragen hebt, kunt u contact opnemen met een medewerker van de polikliniek Fysiotherapie.

  • U kunt uw vraag stellen via de BeterDichtbij-app. U krijgt zo snel mogelijk antwoord, in ieder geval binnen drie werkdagen. Let op: u kunt pas een appje sturen als een medewerker van de polikliniek in de BeterDichtbij-app een gesprek voor u heeft aangemaakt.
  • U kunt uw vraag stellen via MijnWZA (uw digitale dossier). U krijgt zo snel mogelijk antwoord, in ieder geval binnen drie werkdagen.
  • U kunt bellen naar de polikliniek Fysiotherapie. De medewerkers zijn op werkdagen bereikbaar van 8.00 tot 16.00 uur, telefoonnummer (0592) 32 53 10.

Is het dringend?

Hebt u een dringende vraag, dan is het altijd het beste om te bellen!

reval29 - december 2020