Inleiden van een bevalling

Ouder en Kind-centrum

In het kort

Soms zijn er redenen om de bevalling kunstmatig op gang te brengen. Dit kan op verschillende manieren.

Het kan zijn dat na een inleiding moeder en kind een aantal dagen opgenomen moeten blijven in het ziekenhuis. De partner kan dan ook blijven slapen.

Waarom inleiden?

Redenen om een bevalling in te leiden kunnen zijn:

  • Dreigende serotiniteit (overtijd).
  • Langdurig gebroken vliezen.
  • Zwanger zijn van een meerling.
  • De baby groeit niet goed genoeg.
  • Een slecht functionerende placenta (moederkoek).
  • Een hoge bloeddruk of
  • Een zwangerschapsvergiftiging.

Als u video's wilt bekijken, moet u de YouTube cookies accepteren.

Alsnog cookies voor video's accepteren

Serotiniteit (overdragenheid)

Als de zwangerschap voorbij de 41 weken loopt, kan er gekozen worden voor een inleiding. Dit noemen we (dreigende) serotiniteit.

Langdurig gebroken vliezen

Het breken van de vliezen kan het eerste teken zijn dat de bevalling begint. Als de vliezen langer dan 24 uur gebroken zijn zonder dat er weeën zijn, spreken we van langdurig gebroken vliezen. Er is dan weinig kans dat de weeën nog spontaan op gang komen. Het advies is om de bevalling dan in te leiden bij een voldragen zwangerschap. Als de vliezen vóór de 37e week breken, wordt er gewacht met een inleiding zolang er geen sprake is van een infectie.

Achterlopende groei

Als uit onderzoek blijkt dat de baby onvoldoende groeit, kan dat een reden zijn om de bevalling in te leiden.

Slecht functionerende placenta

Een baby in de baarmoeder krijgt voeding en zuurstof via de placenta. Als je tijdens de zwangerschap een te hoge bloeddruk, zwangerschapsvergiftiging of suikerziekte hebt, dan bestaat de kans dat de placenta daardoor minder goed gaat functioneren. Dit kan een reden zijn om de bevalling in te leiden.

Andere redenen

Als er medische problemen waren tijdens een vorige bevalling, of er zijn problemen tijdens je huidige zwangerschap dan kan dat een reden zijn om de bevalling in te leiden.

Voorbereiding

Een inleiding is pas mogelijk als de baarmoedermond al wat ontsluiting heeft. Dit betekent dat de baarmoeder al een beetje open is. Daarnaast moet de baarmoedermond korter en verweekt zijn (wat zachter aanvoelen). Dit wordt een 'rijpe' baarmoedermond genoemd. Een onrijpe baarmoedermond is lang, meestal gesloten en voelt stevig aan.

Als de baarmoedermond nog onrijp is en het is toch nodig om de bevalling op gang te brengen, dan wordt de baarmoedermond eerst rijp gemaakt. Dit noemen we primen. Dit kan wel een paar dagen duren.

Baarmoedermond rijp maken

In het WZA gebruiken we de volgende 2 mogelijkheden om een baarmoedermond rijp te maken:

Ballonkatheter (foley-katheter)

Met behulp van een eendenbek (speculum) krijg je een ballonkatheter in de baarmoedermond. Daarna wordt het ballonnetje gevuld met water. Door de druk van het ballonnetje ontstaat er ontsluiting. De ballonkatheter blijft zitten tot de baarmoedermond rijp is.
Afhankelijk van de reden waarom je wordt ingeleid, word je opgenomen of mag je naar huis.

Hormoontabletje

Als een ballonkatheter onvoldoende heeft gewerkt, kun je ook hormoontabletjes (prostaglandinen) krijgen om de baarmoedermond rijp te maken. Bij het primen met hormoontabletjes, word je altijd opgenomen in het Ouder en Kind-centrum.
Als je eerder bevallen bent met een keizersnede, krijg je altijd een ballonkatheter. En geen hormoontabletjes.

Het rijp maken van de baarmoedermond (primen) kan meerdere dagen duren. Duurt het langer dan 4 dagen, dan kun je, in overleg met de verloskundige, een dag pauzeren.

Bijwerkingen

Bloedverlies

Bij het rijp maken van de baarmoedermond kun je bloedverlies krijgen. Als het bloedverlies zoveel is als bij een ongesteldheid, dan moet je met spoed contact opnemen met het Ouder en Kind-centrum. Telefoon (0592) 32 50 90.

Harde buiken

Na het inbrengen van de hormoontabletjes of de ballonkatheter kun je harde buiken krijgen. Soms gaan harde buiken over in weeën en komt de bevalling spontaan op gang.

De bevalling

Als de baarmoedermond rijp is geworden, of al rijp was, kan je worden ingeleid.

Weeën opwekken

De inleiding begint met het breken van de vliezen. Daarna krijg je een infuus met weeënopwekkers. De dosering gaat stapsgewijs omhoog. Geleidelijk beginnen dan de weeën.

 

 

 

 

Controle

Tijdens de inleiding wordt de conditie van de baby goed in de gaten gehouden. De hartslag van je baby wordt met een CTG (cardiotocogram) gemeten. Dit kan via de buik of via een draadje dat is vastgemaakt aan het hoofdje (of aan de billetjes bij een stuitligging).

De weeën worden geregistreerd met een dop op je buik en soms via een drukkatheter in de baarmoeder. Een drukkatheter is een dun slangetje dat in de baarmoeder kan worden ingebracht om de kracht van de weeën te meten.

Verloop bevalling

Na het starten van de inleiding is het verloop van de bevalling hetzelfde als bij een 'normale' bevalling. De weeën worden langzamerhand heviger en pijnlijker. Meestal beval je binnen 24 uur. De bevalling zal begeleid worden door 1 van de klinisch verloskundigen. Zij hebben nauw contact met de gynaecoloog als dit nodig is.

Na de bevalling

Als alles normaal verloopt, kun je binnen 24 uur samen met je baby naar huis. Soms moeten moeder en/of kind nog een paar dagen ter observatie blijven, bijvoorbeeld bij:

  • Langdurig gebroken vliezen.
  • Een hoge bloeddruk.
  • Een keizersnede. 
  • Veel bloedverlies bij de bevalling.

Ook als je kind een laag geboortegewicht heeft of te vroeg geboren is, kan een langere opname nodig zijn. Als jij of je baby moet worden opgenomen, krijgen jullie samen een kamer in het Ouder en Kind-centrum. Ook je partner kan blijven slapen.

Risico's en complicaties

De risico's van een inleiding zijn over het algemeen niet groter dan die van een spontane bevalling. Wel komen bepaalde complicaties na een inleiding wat vaker voor.

Langdurige bevalling

Als met de inleiding wordt begonnen terwijl de baarmoedermond nog niet goed rijp is, bestaat er een grotere kans op een langdurige bevalling. Soms wordt er geen volledige ontsluiting bereikt en is een keizersnede noodzakelijk.

Uitgezakte navelstreng

Bij het breken van de vliezen kan de navelstreng uitzakken langs het hoofdje van het kind als het niet goed is ingedaald, of langs het stuitje als er sprake is van een stuitligging. Een keizersnede is dan noodzakelijk.

Beschadiging door het inbrengen van de drukkatheter

Met de drukkatheter worden de weeën geregistreerd. Als de drukkatheter niet goed terechtkomt, kan de placenta gaan bloeden of kan de baarmoeder beschadigd raken. Dit komt echter zeer zelden voor. Als dit gebeurt dan is een keizersnede nodig.

Overstimulatie

Bij een overstimulatie komen de weeën te snel achter elkaar (weeënstorm). Bij overstimulatie wordt het infuus met weeënopwekkers geminderd of stopgezet. Soms wordt een weeënremmend medicijn gegeven, zodat er meer pauze tussen de weeën komt.

Ontsteking

Het draadje dat tijdens de inleiding op het hoofdje van de baby wordt bevestigd (of op de billetjes bij een stuitligging) om de harttonen te registreren, veroorzaakt heel soms een ontsteking op de plaats waar het is vastgemaakt. Dit is vervelend, maar niet ernstig.

Vragen?

Als je een vraag hebt, kun je contact opnemen met het Ouder en Kind-centrum. 

  • Je kunt je vraag stellen via de BeterDichtbij-app. Je krijgt zo snel mogelijk antwoord, in ieder geval binnen 3 werkdagen. Let op: je kunt pas een appje sturen als een medewerker van de polikliniek in de BeterDichtbij-app een gesprek voor je heeft aangemaakt. We kunnen dit gesprek alleen aanmaken als jouw mobiele telefoonnummer en e-mailadres bij ons bekend zijn.
  • Je kunt tijdens kantooruren bellen naar de polikliniek Verloskunde: (0592) 32 52 70.
    Voor bevallingen en spoed is de Kraamafdeling dag en nacht bereikbaar, telefoon (0592) 32 50 90.

Is het dringend?

Heb je een dringende vraag, dan is het altijd het beste om te bellen!

verlos 23 - oktober 2022

Meer onderzoek en behandeling

Meer informatie

Als u video's wilt bekijken, moet u de YouTube cookies accepteren.

Alsnog cookies voor video's accepteren

Een korte film om je voor te bereiden op je bevalling in het Ouder en Kind-centrum van het WZA.