Operatie vernauwing lendenwervelkanaal (stenose-operatie)

  • Specialisme of afdeling Neurologie
  • Openingstijden
    Maandag t/m vrijdag van 8.30 tot 16.30 uur
  • Wachttijd
    9 weken

In het kort

Het wervelkanaal (in de wervelkolom) wordt nauwer als u ouder wordt. Daardoor kunt u bij het lopen en staan pijn hebben in uw benen en onderrug. Als u erge klachten hebt,  kan een operatie nodig zijn om het wervelkanaal wijder te maken. De neuroloog verwijst u dan naar de neurochirurg. De dag na de operatie kunt u meestal weer naar huis. Na ongeveer twee weken kunt u over het algemeen uw gewone bezigheden weer oppakken. 

Wat is het?

In de wervelkolom zit een soort buis: het wervelkanaal. Het wervelkanaal is gevuld met ruggenmerg. Vanuit het ruggenmerg gaan zenuwen het lichaam in. De wervels slijten als we ouder worden en worden dikker, waardoor het wervelkanaal nauwer wordt. Dit speelt met name in het lendewervelkanaal in de onderrug.

De zenuwen in de onderrug die naar de benen lopen, kunnen door de vernauwing in het lendenwervelkanaal (dit heet een stenose) in de knel komen. Dit gebeurt vooral als u een tijdje loopt of staat. U hebt dan een holle rug, zodat het wervelkanaal nog nauwer wordt. De beknelde zenuwen zorgen voor pijn in uw benen (soms in één been) en eventueel in uw onderrug. Ook kunt u minder gevoel of een doof gevoel hebben in uw benen. Als u gaat zitten of vooroverbuigt, of gaat liggen op uw zij of met opgetrokken knieën, verdwijnen de klachten.   

Een operatie?

Als u weinig klachten hebt, is een operatie niet nodig. Hebt u veel last bij het lopen en staan en kunt u daardoor uw gewone dingen niet doen, dan is een operatie de enige oplossing. De pijn in uw benen is na de operatie meestal helemaal weg of veel minder erg. Pijn in uw rug blijft. De operatie heeft daar weinig invloed op. Rugpijn alleen, zonder pijn in uw benen, is daarom nooit een reden om te opereren.

Voorbereiding thuis

Een aantal uren voor de operatie mag u niets eten of drinken. Ook zijn er allerlei andere zaken waarmee u rekening moeten houden in de aanloop naar de operatie, zoals uw medicijngebruik. Als u bloedverdunners gebruikt, moet u daar bijvoorbeeld een aantal dagen van tevoren mee stoppen. De precieze instructies krijgt u tijdens het preoperatieve spreekuur.

De operatie

Voor de operatie krijgt u verdoving (anesthesie), zodat u geen pijn voelt. Tijdens het preoperatieve spreekuur bespreekt de anesthesioloog met u welk type verdoving in uw geval het meest geschikt is: narcose of een ruggenprik. 

Tijdens de operatie ligt u op uw knieën op de operatie­tafel. Op de plaats waar de vernauwing zit, maakt de neurochirurg een snee in de huid van uw onderrug. Daarna haalt hij onder andere  stukjes wervel weg. De operatie zorgt ervoor dat het wervelkanaal weer wijder wordt. 

Het komt voor dat een vernauwing van het lendenwervelkanaal ook te maken heeft met een uitpuilende tussenwervelschijf (een hernia). In dat geval wordt de hernia ook verwijderd tijdens de operatie.  

Na de operatie

De eerste uren na de operatie moet u op uw rug blijven liggen, om een bloeding te voorkomen. De kleine bloedvaatjes in het operatiegebied worden dan door uw lichaamsgewicht dichtgedrukt. Daarna mag u uit bed. Over het algemeen kunt u de dag na de operatie weer naar huis.

Tegen de wondpijn krijgt u pijnstillers. Na een paar dagen is de pijn veel minder. 

Controlebezoek

Ongeveer zes weken na de operatie komt u bij de neuro­chirurg terug voor controle. Deze bekijkt dan het resultaat van de operatie.

Complicaties

Zoals bij elke operatie zijn er ook bij een operatie van een vernauwing van het wervelkanaal bepaalde risico’s, maar de kans op complicaties is klein.

  • Een enkele keer ontstaat er een ontsteking of nabloeding in het operatiegebied.
  • In het vlies rond de zenuwwortel die bekneld was door de vernauwing, kan tijdens de operatie een gaatje ontstaan. In dat geval moet u na de operatie een aantal dagen plat in bed liggen, zodat het gaatje dichtgroeit.
  • Een heel enkele keer raakt door de operatie zelf zenuwweefsel beschadigd. Daardoor kunt u minder kracht of gevoel hebben in uw been na de operatie. Vaak trekken deze klachten na verloop van tijd weer weg. 

Adviezen

Bewegen

Voor uw verdere herstel is het verstandig om te wandelen en te fietsen. Er zijn geen houdingen die u beslist moet vermijden. U kunt na de operatie fysiotherapie krijgen, maar vaak is dat niet nodig.

Werk

Meestal lukt het om na twee weken uw gewone bezigheden grotendeels weer op te pakken. Of u dan ook weer kunt werken, hangt af van het soort werk dat u doet. Eventueel kunt u dit bespreken met uw bedrijfsarts.

Vragen?

  • Als u vragen hebt over de operatie, neem dan contact op met de medewerkers van de polikliniek Neurologie. Zij zijn bereikbaar van maandag t/m vrijdag tussen 8.30 en 16.30 uur op nummer (0592) 32 52 40. 
  • U kunt uw vragen ook stellen via MijnWZA. Meestal krijgt u binnen 1 tot 3 werkdagen antwoord. Hebt u een dringende vraag, dan is het beter om te bellen!

 

neuro12 - september 2019