IVF-behandeling

Reageerbuisbevruchting

  • Specialisme of afdeling Fertiliteitskliniek
  • Openingstijden
    Voor de openingstijden van de Fertiliteitskliniek kunt u bellen naar het Medisch Centrum Wilhelmina, bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 8.00 tot 12.00 uur op telefoonnummer (0592) 34 00 53.
  • Wachttijd
    4 weken

In het kort

Is het moeilijk om op een 'gewone' manier zwanger te worden, dan kan IVF een oplossing zijn. Een of meer eicellen worden in een laboratorium samengevoegd met zaadcellen. Als een eicel bevrucht raakt en het embryo ziet er goed uit, brengen we het embryo over naar de baarmoeder. Er is een intensieve voorbereidingsperiode. Afhankelijk van uw leeftijd en menstruatiecyclus kan het bijvoorbeeld nodig zijn dat u hormooninjecties krijgt. Ook wordt gekeken naar de kwaliteit van de zaadcellen. Meestal lukt het om met IVF zwanger te worden. 

Wat is het?

IVF wordt ook wel 'reageerbuisbevruchting' genoemd. In het laboratorium worden eicellen en zaadcellen samengevoegd. Als een eicel bevrucht raakt en zich ontwikkelt tot een goed embryo, plaatsen we het embryo daarna in de baarmoeder. Hier kan het verder groeien, net als na een natuurlijke bevruchting.

Een IVF-behandeling kan zinvol zijn als uw eileiders zijn afgesloten of ernstig beschadigd, als u last hebt van endometriose of hormonale stoornissen of als een spontane zwangerschap al meer dan drie jaar op zich laat wachten zonder duidelijke oorzaak. Ook als zaadcellen van slechte kwaliteit zijn, is dat vaak een reden voor een IVF-behandeling.

Voorwaarden

  • Vrouwen van 41 jaar en ouder komen niet meer voor een behandeling in aanmerking, omdat de kans op succes dan heel klein is. Voor mannen is de leeftijdsgrens 55 jaar.
  • Als u overgewicht hebt (een BMI van boven de 35), is het belangrijk dat u eerst afvalt. Anders is er een grotere kans op complicaties, ook tijdens een eventuele zwangerschap. Ook geldt voor vrouwen én mannen dat zij  niet mogen roken en zeer matig moeten  zijn met alcohol.
  • Het zaad moet van voldoende kwaliteit zijn.

Twee behandelmethoden

Als u jonger bent dan 35 jaar met een regelmatige menstruatiecyclus, maken we bij de Ivf-behandeling gebruik van de natuurlijke, maandelijkse eisprong. Dit heet een MNC-behandeling (MNC staat voor 'gemodificeerde natuurlijke cyclus'). Als u ouder bent of geen regelmatige cyclus hebt, krijgt u eerst hormooninjecties om de groei van eicellen te stimuleren. Dit heet een hyperstimulatiebehandeling.

Aantal pogingen

Meestal lukt het om zwanger te worden binnen drie IVF-behandelingen met hyperstimulatie (of na een overeenkomstig aantal MNC-behandelingen). Als u na drie behandelingen niet zwanger bent, zal de gynaecoloog met u bespreken of een vierde poging zin heeft. De meeste verzekeraars vergoeden niet meer dan drie behandelingen. Een eventuele vierde behandeling moet u dus hoogstwaarschijnlijk zelf betalen.

Samenwerking met UMCG

De Fertiliteitskliniek werkt nauw samen met het UMCG. U kunt terecht bij de Fertiliteitskliniek voor de planning van de behandelingen en de hyperstimulatiebehandeling. De eiblaaspunctie en de embryoplaatsing worden in het UMCG gedaan. Daarna komt u voor het vervolg terug bij de Fertiliteitskliniek.

Behandeling

Stimulatie van de eierstokken

Bij een MNC-behandeling maken we gebruik van de eicel die maandelijks op een natuurlijke manier groeit. Om deze eicel te laten rijpen, krijgt u gedurende een paar dagen hormonen.

Bij een behandeling met hyperstimulatie krijgt u hormonen om meerdere eiblaasjes tegelijk te laten rijpen. Vervolgens kunnen ook meerdere eicellen bevrucht worden. Het beste embryo, of de twee beste, worden in de baarmoeder geplaatst. Als er meer goede embryo’s zijn, worden deze ingevroren. De stimulatiefase duurt meestal tien dagen.

Eiblaaspunctie

Als de eiblazen rijp zijn, worden ze met een naald aangeprikt en vervolgens naar buiten uitgezogen. Dit gebeurt via de vagina.

Samenvoeging eicel en zaadcel

Een paar uur na de eiblaaspunctie worden in het laboratorium zaadcellen bij 
de eicellen gevoegd. Na twee dagen is onder de microscoop te zien welke eicellen  bevrucht zijn. Als het zaad van slechtere kwaliteit is, injecteren we de zaadcellen in de eicellen om de kans op een bevruchting te vergroten.

Plaatsen van een embryo in de baarmoeder

Als u jonger dan 38 bent, plaatsen we bij de eerste en tweede IVF-behandeling nooit meer dan één embryo. Bent u 38 jaar of  ouder, dan kunnen bij een eventuele derde IVF-behandeling twee embryo's worden geplaatst.

Afwachten

Na het plaatsen van de embryo moet u afwachten of deze zich innestelt en voor een zwangerschap zorgt. Als u twee weken daarna nog niet menstrueert, is het tijd voor een zwangerschapstest.

In plaats van één behandeling met hyperstimulatie krijgt u, als u daarvoor in aanmerking komt onder voorbehoud, zes MNC-behandelingen. Deze behandelingen kunnen in opeenvolgende maanden zonder pauze plaatsvinden. Als u na deze zes behandelingen nog niet zwanger bent, vinden  de volgende IVF-behandelingen plaats met hyperstimulatie.

Voorbereidend onderzoek

Intakegesprek

Tijdens het intakegesprek krijgt u uitgebreide informatie over de IVF-behandeling. Als u overgewicht hebt, of als u of uw partner rookt of regelmatig alcohol gebruikt, bespreken we wat u kunt doen om daar verandering in te brengen. Daarna stellen we een behandelplan met u op.

Vooronderzoek

Meestal vindt aansluitend op het intakegesprek een vooronderzoek plaats. Bij u en uw partner wordt bloed afgenomen voor onderzoek naar afweerstoffen tegen hepatitis B, hepatitis C en HIV en in sommige gevallen HTLV1-2. Als het nodig is wordt er een afspraak gemaakt voor zaadonderzoek in het UMCG.

Afhankelijk van de uitslagen van de verschillende onderzoeken bespreken we welke mogelijkheden een IVF-behandeling u biedt. Deze uitslagen zijn twee jaar geldig.

Als u kiest voor een IVF-behandeling, is het verstandig om vanaf dat moment foliumzuur te gaan gebruiken. Er is dan minder kans op een kind met een open ruggetje.

Als uw partner twee maanden of korter voor de start van de behandeling een periode met koorts heeft, kan het nodig zijn om het zaad opnieuw te onderzoeken, omdat  koorts invloed kan hebben op de zaadkwaliteit. Het is dus belangrijk dat uw gynaecoloog hiervan op de hoogte is.

Startgesprek

Ongeveer drie weken nadat u zaad hebt ingeleverd in het UMCG, vindt het startgesprek plaats. Tijdens dit gesprek krijgt u recepten voor medicijnen die u moet gaan gebruiken, een behandelschema met de datum waarop u moet beginnen of juist moet stoppen met bepaalde medicijnen en eventueel al een afspraak voor de eerste echoscopie.

Voorbereidende behandeling

Bij een IVF-behandeling met hyperstimulatie

Om meerdere eicellen te laten rijpen, krijgt u injecties met hormonen. Omdat u deze langere tijd moet hebben (zeven tot twintig dagen), leren wij u om zelf injecties toe te dienen. 

FSH is het belangrijkste hormoon voor hyperstimulatie. Tijdens de stimulatiefase kan het hormoon LH, dat uw lichaam zelf aanmaakt, storend werken. Om die storingen te voorkomen, krijgt u een GnRH-agonist voorgeschreven. De periode waarin u tegelijkertijd FSH en de GnRH-agonist moet spuiten, duurt acht tot twaalf dagen.

Kort voor de eerste FSH-injecties wordt een vaginale echo gemaakt om te zien of uw eierstokken en baarmoeder er normaal uitzien. Als dat zo is, kunt u met de injecties starten.

Controles

We controleren het resultaat van de hyperstimulatie met echo's en soms met bloedonderzoek. Na de startecho is de tweede echo meestal op de zesde dag van de stimulatie. Wanneer de volgende echo's worden gemaakt, hangt af van de reactie van uw eierstokken. Bij iedere controle schrijft de gynaecoloog op met welke medicijnen en met welke dosering u door moet gaan.

Op gang brengen van de eisprong

Als bij de controles blijkt dat sommige eiblazen zijn uitgegroeid tot ongeveer 
18 mm doorsnede, krijgt u een Pregnyl-injectie. Hierdoor wordt de eisprong gestimuleerd.

MNC-IVF-behandeling

Bij een MNC-behandeling maken we gebruik van de eicel die in een normale menstruatiecyclus tot ontwikkeling komt.

Controles

Met echo's en bloedonderzoek volgen we het groeiproces. Wanneer de eiblaas een afmeting heeft van ongeveer 14 mm, begint u met injecties met een GnRH-antagonist. Dit middel zorgt er voor dat de LH-waarde niet stijgt, om te voorkomen dat u een spontane eisprong krijgt. De dagen waarop u de GnRH-antagonist gebruikt, spuit u ook FSH. FSH zorgt er voor dat de eicel ongestoord verder kan groeien.

Op gang brengen van de eisprong

Zodra de eiblaas ongeveer 17-18 mm groot is en uw hormoonwaarden gunstig zijn, krijgt u een injectie met Pregnyl om de groei van de eicel te bevorderen.

Eiblaaspunctie

34 tot 36 uur na de injectie met Pregnyl is het tijd voor de eiblaaspunctie. Eerst bekijken we uw eierstokken met een echo om te zien of de eiblaas nog aanwezig is. Soms is er dan al een eisprong geweest en kan de punctie niet doorgaan.

De punctie

Voorafgaand aan de eiblaaspunctie kunt u verdoving krijgen. Tijdens de punctie ligt u in een gynaecologische stoel. De gynaecoloog brengt de kop van een echoapparaat in de vagina. Daarmee is het mogelijk de eiblazen op een monitor in beeld te brengen. Aan de echokop zit een naaldgeleider, waardoor een dunne naald kan worden bewogen. Met deze naald prikt de gynaecoloog door de vaginawand in de eierstokken en worden de eiblazen één voor één leeggezogen. De eerste prik voelt vaak  als een ‘stomp in de onderbuik’. Op de monitor kunt u zelf het verloop van de punctie volgen.

De vloeistof uit de eiblazen wordt in reageerbuisjes opgevangen en daarna onder een microscoop onderzocht. De eicel(len) wordt (worden) overgebracht in kweekvloeistof. Voordat u weer naar huis gaat, hoort u hoeveel eicellen er zijn.

De bevruchting

Zaadlozing

We vragen uw partner om voor of na de punctie zaad te produceren (tenzij is afgesproken om zaad in te vriezen). Het beste zaad wordt verkregen als er twee tot vier dagen geen zaadlozing is geweest.

Samenvoegen zaadcellen en eicellen

De zaadcellen worden in het laboratorium bewerkt, zodat er een concentraat van goed bewegende zaadcellen ontstaat. Vervolgens brengen we de zaadcellen bij de eicellen gebracht.

Bij zaad van mindere kwaliteit worden de zaadcellen niet bij de eicellen gedaan, maar wordt onder de microscoop met een zeer dun naaldje in iedere eicel één zaadcel naar binnen gebracht (ICSI). Bij ingevroren zaad wordt altijd gekozen voor ICSI.

De ochtend daarna hoort u of de eicel(len) bevrucht is (zijn).

De uitslag

De tweede dag na de punctie hoort u of de bevruchte eicel(len) zich heeft (hebben) ontwikkeld tot embryo’s en of we tot plaatsing in de baarmoeder kunnen overgaan. Soms zien een embryo er zo slecht uit dat plaatsen in de baarmoeder niet zinvol is.

Plaatsing in de baarmoeder

Bij vrouwen jonger dan 38 jaar wordt in de eerste en tweede behandeling nooit meer dan één embryo geplaatst. Bij vrouwen van 38 jaar en ouder en bij vrouwen in de derde behandeling mogen één of twee embryo's worden geplaatst. Alle IVF-centra in Nederland houden zich aan deze afspraak. Op deze manier probeert men het aantal tweelingzwangerschappen te beperken. Vergoeding van een IVF-behandeling door de zorgverzekeraar vindt alleen plaats als de behandeling volgens dit beleid is uitgevoerd.

Invriezen van embryo’s

Als er na het plaatsen van de embryo‘s in de baarmoeder embryo’s van goede kwaliteit over zijn, kunnen deze worden ingevroren. Bij een volgende IVF-behandeling worden altijd eerst de ingevroren embryo's gebruikt.

Het plaatsen van embryo’s

Volle blaas

Het is belangrijk dat u met een volle blaas naar het ziekenhuis komt. De baarmoeder wordt door de volle blaas in de goede richting gekanteld, zodat de gynaecoloog met een uitwendige echo de baarmoeder goed kan zien.

Het plaatsen

Het plaatsen van een embryo doet meestal geen pijn. U kunt het vergelijken met een uitstrijkje. De embryo wordt met een dun slangetje via de baarmoederhals in de baarmoederholte geschoven. In een heel klein druppeltje kweekvloeistof wordt de embryo vervolgens in de baarmoederholte geplaatst.

Na de plaatsing kunt u vrijwel alles doen wat u normaal gesproken ook doet. Wel is het beter om een aantal dagen geen seks te hebben.

Voordat u naar huis gaat, bespreekt de gynaecoloog met u welke medicijnen u nog moet gebruiken. Meestal gaat het om progesteron. Bij een MNC-behandeling krijgt u Pregnyl voorgeschreven.

Na de plaatsing

Na het plaatsen van één of twee embryo‘s in de baarmoeder is de kans dat u zwanger wordt ongeveer 25%. Dit lijkt misschien laag, maar bij een spontane zwangerschap is de kans niet hoger dan ongeveer 20% per eisprong. Bij een MNC-IVF-behandeling is er per keer minder kans op een zwangerschap dan bij een IVF-behandeling met hyperstimulatie. Daarom kunt u zes MNC-IVF-behandelingen krijgen, waarbij de totale kans op een zwangerschap vergelijkbaar is met de kans op een zwangerschap na één IVF-behandeling met hyperstimulatie.

Of u wel of niet zwanger wordt, kunt u niet zelf beïnvloeden. U kunt alleen maar afwachten. Voor u en uw partner is dit waarschijnlijk een moeilijke tijd.

Klachten?

Als u de eerste paar weken na de embryoplaatsing last krijgt van buikpijn, een opgezette buik, kortademigheid, koorts of andere klachten, neem dan contact op met de Fertiliteitskliniek. Ook als u vragen hebt over het medicijngebruik, kunt u bellen.

Zwangerschap

Zwangerschapstest

Veertien of vijftien dagen na de embryoplaatsing kunt u thuis een zwangerschapstest doen en weet u of u wel of niet zwanger bent. We stellen het zeer op prijs als u contact opneemt met de Fertiliteitskliniek wanneer u een zwangerschapstest heeft gedaan. Ook wij zijn erg benieuwd naar de uitslag.

Zwanger

Als u zwanger wordt na een IVF-behandeling, bent u niet anders zwanger dan vrouwen die via een natuurlijke weg zwanger zijn geworden.

Echo-onderzoek

Er wordt een afspraak met u gemaakt voor een echo-onderzoek rond de zevende week van de zwangerschap. Als op de echo te zien is dat de zwangerschap goed verloopt, is er geen reden dat u nog langer onder behandeling blijft bij de Fertiliteitskliniek. Met uw gynaecoloog overlegt u door wie u de controles tijdens uw zwangerschap wilt laten doen.

Miskraam

Soms blijkt uit het echo-onderzoek dat de zwangerschap waarschijnlijk op een miskraam zal uitlopen. Ook is er altijd een klein risico dat na een goede start op een later moment toch nog een miskraam optreedt. In die gevallen wordt u vanuit de Fertiliteitskliniek zo goed mogelijk begeleid.

Niet zwanger

Als u binnen veertien tot zestien dagen na de plaatsing van de embryo(’s) begint te menstrueren, bent u niet zwanger geworden.

Na een IVF-behandeling verloopt de menstruatie meestal iets heviger dan normaal. Verloopt de menstruatie duidelijk anders dan gebruikelijk, neem dan contact met ons op! Er kan dan namelijk toch nog sprake zijn van een zwangerschap.

Emoties

Als u niet zwanger blijkt te zijn, is de teleurstelling natuurlijk groot. Misschien vinden u en uw partner het prettig om bij de verwerking van uw emoties begeleid te worden door een psycholoog. In dat geval kan de gynaecoloog een afspraak voor u maken.

Volgende behandeling

Na een mislukte hyperstimulatie IVF-behandeling moet u één of twee maanden wachten voor u met een volgende behandeling begint. Bij een MNC-IVF-behandeling is er geen wachttijd. Ook overleggen we altijd met u of een volgende behandeling zinvol is.

Complicaties

Tijdens de stimulatiefase

  • De injectieplaatsen worden soms wat rood en gezwollen. Als u uitslag krijgt over uw hele lichaam, met gezwollen oogleden en koorts, hebt u een allergische reactie. Neem in dat geval direct contact op met de Fertiliteitskliniek!
  • De kans bestaat dat er door de hyperstimulatie te weinig of juist te veel eiblazen rijpen. Dan wordt gestopt met de stimulatie. Later proberen we de stimulatie opnieuw te doen met een hogere of lagere dosering medicijnen.
  • Een enkele keer, als er te weinig eiblaasgroei is, krijgt u een aanvullende behandeling met intra-uteriene inseminatie (IUI). Soms is na een tijdje ook duidelijk dat verdere behandeling niet meer mogelijk is. Bij 5 tot 10% van de behandelingen wordt het stadium van de eiblaaspunctie niet bereikt.

Tijdens en na de punctie

  • Enkele dagen na de eiblaaspunctie kan het hyperstimulatie-syndroom optreden. De eierstokken zijn dan sterk vergroot en er is vocht in de buik. Hierdoor kunt u last krijgen van buikpijn, een opgezette buik, dorst, minder en donkere urine, kortademigheid en gewichtstoename. Als u deze klachten krijgt, zeker bij een gewichtstoename van meer dan twee kilo in enkele dagen, moet u altijd opnemen met de Fertiliteitskliniek (MCW) of buiten de openingstijden van het MCW met de polikliniek Gynaecologie. Door veel te drinken kan de situatie vaak al verbeteren. Soms is opname in het ziekenhuis nodig.
  • Soms worden er bij een eiblaaspunctie geen eicellen verkregen of is de opbrengst in verhouding tot het aantal eiblazen erg laag.
  • Een eiblaaspunctie kan bloeduitstortingen in de eierstokken veroorzaken, waardoor u een paar dagen wat buikpijn kunt hebben.
  • Door een eiblaaspunctie of embryoplaatsing kunnen de eierstokken of eileiders ontstoken raken. Als u zichde eerste vier weken na de eiblaaspunctie of embryoplaatsing niet lekker voelt, koorts krijgt of buikpijn, neem dan contact met de Fertiliteitskliniek.

Tijdens en na de embryoplaatsing

  • Ook na een geslaagde eiblaaspunctie groeien niet alle eicellen uit tot een embryo. Niet alle eicellen raken in het laboratorium bevrucht, ook niet als ICSI is toegepast. Een deel van de eicellen die wél bevrucht zijn, ontwikkelt zich niet tot een plaatsbaar embryo.
  • Nadat een embryo in de baarmoeder is geplaatst, gebeurt het vaak dat het embryo zich niet nestelt in de baarmoeder of dat het vlak daarna verloren gaat.

Kosten

IVF-behandelingen worden alleen vergoed als aan bepaalde voorwaarden is voldaan:

  • Bij vrouwen jonger dan 38 jaar mag in de eerste en tweede behandeling maximaal één embryo worden geplaatst.
  • Bij vrouwen van 38 jaar of ouder en bij alle vrouwen die voor de derde keer een IVF-behandeling krijgen, mogen twee embryo's worden geplaatst.

De eerste drie IVF-behandelingen (0f 6 MNC-behandelingen plus twee IVF-behandelingen) worden volledig vergoed door uw zorgverzekeraar. Dit geldt ook voor de medicijnen die bij de behandelingen worden gebruikt. De kosten van het invriezen, bewaren en later ontdooien en plaatsen van overgebleven embryo’s worden eveneens vergoed. Om precies te weten in hoeverre de kosten van een IVF-behandeling (of MNC-behandeling) in uw geval worden vergoed, kunt u het beste uw verzekeringspolis nalezen of bij uw zorgverzekeraar informeren.

Aan het invriezen en bewaren van zaad zijn meestal wel kosten voor uzelf verbonden. U kunt bij uw zorgverzekeraar informeren of het invriezen van zaad in uw geval wordt vergoed. Het betreft eenmalige kosten voor het invriezen, en daarna jaarlijkse kosten voor het bewaren van uw zaad.

Machtiging

Soms moet een machtiging worden aangevraagd voor een IVF-behandeling. Vergoeding vindt dan alleen plaats als uw zorgverzekeraar vooraf toestemming voor de behandeling heeft gegeven. In dat geval kunt u uw gynaecoloog vragen een brief naar de medisch adviseur van uw ziektekostenverzekeraar te sturen.  

Uw mening telt

Een compliment, tip of klacht

Wij vinden het belangrijk dat u tevreden bent over onze zorg en dienstverlening. Hebt u een compliment, een tip of een klacht? Wij horen het graag. U kunt het volgende doen:

  • Vertel het direct aan degene die er verantwoordelijk voor is.
  • Bel of schrijf onze ombudsfunctionaris.
  • Vul het formulier in dat u kunt vinden op de webpagina Uw mening telt! Hier vindt u ook meer informatie over de klachtenprocedure en uw rechten als patiënt.

De ombudsfunctionaris

  • e-mail: ombudsfunctionaris@wza.nl
  • telefoon: (0592) 32 56 24/32 55 55 (maandag t/m donderdag)
  • postadres: WZA t.a.v. de ombudsfunctionaris, postbus 30.001, 9400 RA Assen