Het is een rotsvaste overtuiging van Wim Bleeker (58): als arts moet je er voor je patiënt zijn. Dat plichtsbesef voelt hij al zijn hele carrière als chirurg en laat zich moeilijk begrenzen. Hij heeft wel eens op weg naar een vakantiebestemming de auto, inclusief koffers en gezin, bij het WZA geparkeerd om toch nog iemand te helpen.

Wim weet nog goed hoe hij begin jaren 80 als puber aan de buis gekluisterd zat voor het programma Vinger aan de Pols. “Dat was het eerste medische programma op de Nederlandse televisie. Ik vond die wereld zo fascinerend. In één aflevering ging je als kijker ook mee de operatiekamer in. Toen ik dat zag, wist ik: ik word later chirurg.”


Wim voegde de daad bij het woord en studeerde Geneeskunde in Groningen. Daarna ging hij aan de slag bij het UMCG in een rol die lijkt op die van de huidige ANIOS: de arts niet in opleiding tot specialist. Hij deed als zaaldokter zijn rondes over de verpleegafdeling, maar zorgde ervoor dat hij daarna zo snel mogelijk weer bij de operatiekamers was. Want op die plek lag zijn passie.

Onderaan de ladder

“In het begin van de jaren ‘90 werkten in het UMCG een paar van de meest toonaangevende chirurgen van dit land. En ik assisteerde ze bij operaties. Ik begon onderaan de ladder en moest bijvoorbeeld eerst patiënten laxeren voor een operatie. Later mocht ik steeds meer en zo leerde ik ontzettend veel over het vak.”

Met die ervaring in het UMCG op zak, volgde Wim uiteindelijk de opleiding tot chirurg. Hij specialiseerde zich in operaties van het maag-darmstelsel, omdat het werken met kwetsbaar weefsel hem goed ligt. “Een darm is heel delicaat. Daar moet je echt gevoel voor hebben als chirurg. De gevolgen voor de patiënt zijn namelijk enorm als je een fout maakt. Bij een darmoperatie ben je eigenlijk constant met vuur aan het spelen en die gedachte houd je altijd in je achterhoofd.”

Mensen helpen

Al ziet Wim ook dat zijn vakgebied door de jaren heen ‘veel veiliger’ is geworden. In het begin van zijn loopbaan voerde hij operaties uit waarbij de buik van de patiënt open moest worden gemaakt. Maar die zijn rond 2010 grotendeels vervangen door veel minder ingrijpende kijkoperaties. En in de nabije toekomst? “Dan opereren we met een robot waardoor we nog preciezer kunnen werken en er minder kans op complicaties is.”

Waar hij ervaring opdeed in een universitair ziekenhuis, koos Wim er in 2000 bewust voor om in het kleinschaligere WZA te gaan werken. “In de universitaire ziekenhuizen worden technisch hoogstaande operaties uitgevoerd waar veel artsen bij betrokken zijn. Maar 80 tot 90 procent van de chirurgische zorg in het land, wordt gedaan in ziekenhuizen als het WZA. Hier kan ik meer mensen helpen.”

En dat laatste is het Wim uiteindelijk om te doen. ”Als arts ben je toch een soort anker voor je patiënt in een moeilijke tijd.” Daarbij gaat het Wim niet alleen om het medische stukje, maar staat hij ook stil bij de mens achter de patiënt. “Ik vind het altijd leuk om even met mijn patiënten over andere dingen te praten. Daar maak ik notities van. Als iemand op vakantie gaat en daarna door mij wordt geopereerd, vraag ik bijvoorbeeld in de operatiekamer nog even hoe de vakantie is geweest. Zo’n vraag in combinatie met een vertrouwd gezicht, zorgt dan voor wat ontspanning op een spannend moment. Dat geeft voldoening en daar doe ik het voor.”

Chirurg Wim Bleeker, foto Frank Jeuring

Chirurg Wim Bleeker, foto Frank Jeuring