Een insulinepomp

  • Specialisme of afdeling Diabetes Centrum Wilhelmina
  • Openingstijden
    Maandag t/m vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur
  • Wachttijd
    Informeer bij de polikliniek

In het kort

Een insulinepomp is een apparaatje dat om de drie minuten een basishoeveelheid insuline afgeeft. De pomp draagt u op uw lichaam, bijvoorbeeld aan uw broekriem, en zit via een slangetje vast aan een naaldje in uw buik. De basishoeveelheid kunt u om het uur naar behoefte aanpassen. Vaak zijn de de bloedsuikerwaarden met een pomp beter te reguleren dan met een  insulinepen. Doordat de pomp alleen kortwerkende insuline afgeeft, moet u wel vaker uw waarden meten. Ook kan het lang duren voordat u aan de pomp gewend bent. 

Wat is het?

Als u insuline spuit maar uw bloedsuiker schommelen te veel, dan is een insulinepomp misschien een goede oplossing voor u. Een pomp heeft voor- en nadelen. Uw internist en diabetesverpleegkundige bekijken samen met u of een pomp voor u een goede keuze is. Voordat u start met een pomp, wordt uitgebreid met u besproken wat u verwacht van de pomp en welke doelen u wilt bereiken.

Ook met een insulinepomp moet u zelf actief aan de slag met het reguleren van uw bloedsuikerwaarden. U kunt het niet aan de pomp ‘overlaten’. Om de pomp zo goed mogelijk te gebruiken, hebt u inzicht nodig in uw diabetes en moet u gemotiveerd zijn om de werking van de pomp goed te leren kennen.

Als u de pomp goed gebruikt, hebt u meer kans  op:

  • een lager HbA1c
  • minder hypo's en hypers
  • stabielere bloedsuikerwaarden tijdens de zwangerschap
  • minder kans op complicaties vanwege uw diabetes
  • een betere kwaliteit van leven

 

Voordelen

  • Omdat een pomp zeer kortwerkende insuline afgeeft, is de werking van de insuline goed te voorspellen. Zo is het makkelijker om uw bloedsuikerwaarden onder controle te houden.
  • Met een pomp kunt u goed inspelen op uw behoefte aan insuline in verschillende situaties. Zo kunt u de basisdosis ieder uur aanpassen afhankelijk van uw bezigheden, bijvoorbeeld minder insuline tijdens het sporten en meer bij maaltijden of tussendoortjes. Hierdoor bent u flexibeler. Ook is het mogelijk de pomp zo te programmeren dat de basisdosis op bijvoorbeeld werkdagen anders is dan op vrije dagen.
  • De pomp geeft aan hoeveel insuline er actief is. Bij hoge bloedglucosewaarden is dit handig om te weten, zodat u niet te veel extra insuline toedient.
  • De pomp heeft een programma dat kan berekenen hoeveel insuline u nodig hebt.
  • Met een pomp hebt u altijd insuline bij de hand. Ook is een pomp makkelijk voor het toedienen van insuline. Het naaldje van een pomp verwisselt u om de twee of drie dagen.
  • Op sommige pompen kunt u een sensor aansluiten die uw bloedsuikerwaarden laat zien in een grafiek en alarm geeft bij hoge en lage waarden. Zo’n sensor wordt alleen vergoed door uw zorgverzekeraar als uw internist of diabetesverpleegkundige aangeeft dat een sensor in uw geval nodig is en dat u voldoet aan de vereiste criteria.

Nadelen

  • Vaak kost het tijd om eraan te wennen dat u ‘vastzit’ aan een apparaatje. Zowel in praktisch als emotioneel opzicht kunt u er de eerste tijd moeite mee hebben.
  • Door de sticker op de plaats van het infuusnaaldje kan uw huid geïrriteerd raken. Als u al huidklachten hebt, kan dit een probleem zijn.
  • Het infuusnaaldje kan verstopt raken, waardoor u vrij snel een insulinetekort krijgt met hoge bloedsuikerwaarden. Omdat een pomp alleen kortwerkende insuline afgeeft, heeft uw lichaam geen insulinereserves. Als er een verstopping is, geeft de pomp dit zelf aan, maar vaak pas na een tijdje. Daarom is het belangrijk dat u ook zelf uw bloedsuikerwaarden controleert.
  • Bij gebruik van een insulinepomp is het belangrijk dat u vaak meet, minimaal vier keer per dag en tijdens de instelfase zelfs zeven keer per dag.
  • Bij extreem hoge bloedsuikerwaarden is het verstandig om met een insulinepen in de spier bij te spuiten. Dit werkt sneller dan extra insuline toedienen met een pomp.

Voorlichting en begeleiding

Als u overstapt op een insulinepomp, gaat u een intensieve tijd tegemoet, waarin u regelmatig contact hebt met de diabetesverpleegkundige. Deze geeft u voorlichting over het instellen en bedienen van de pomp en oefent met u, net zolang tot u de pomp kunt goed kunt gebruiken. Het kan enige tijd duren voordat de basisinstelling van de pomp helemaal goed is. De diabetesverpleegkundige helpt u bij het instellen zolang dit nodig is. 

Technische instructies

Samen met de diabetesverpleegkundige beslist u welk type insulinepomp voor u het meest geschikt is. De pomp wordt na bestelling bij u thuis afgeleverd. Voor de technische instructies komt er meestal iemand van de firma die de pomp heeft geleverd, bij u langs. Als u tijdens het gebruik met technische problemen te maken krijgt, kunt u op elk moment contact opnemen met de serviceafdeling van de firma.

Voedingsadvies

Om uw bloedsuikerwaarden te reguleren, geldt bij een insulinepomp hetzelfde als bij een insulinepen: de hoeveelheid insuline moet worden afgestemd op uw voeding, met name op de hoeveelheid koolhydraten die u gebruikt. Om een goed evenwicht te vinden tussen de hoeveelheid insuline en uw voeding, hebt u voor de start van de pomptherapie een afspraak met een diëtist.

Evaluatie

Om de zoveel tijd, ten minste één keer per jaar, bespreekt het diabetesteam met u of u de pomp goed gebruikt, overeenkomstig de afgesproken behandeldoelen. Als de pomp niet aan de verwachtingen beantwoordt en uw doelen zijn niet behaald, wordt bekeken wat daarvan de oorzaak is en wat u kunt doen om uw doelen wel te bereiken. Blijft het gebruik van de pomp problemen opleveren, dan kan het diabetesteam u adviseren te stoppen met de insulinepompbehandeling en weer over te stappen op een insulinepen.

Praktische adviezen

  • Om de insulinepomp gemakkelijk te bevestigen aan bijvoorbeeld uw (broek)riem of beha, zijn er banden en clips op de markt.
  • De meeste pompen zijn waterdicht, zodat u ermee kunt douchen en zwemmen. Een pomp die niet waterdicht is, kan wel tegen een regenbuitje.
  • Materialen die u nodig hebt voor de pomp (onder andere infusiesets), zijn verkrijgbaar bij een postorderbedrijf (niet bij uw apotheek).

Vergoeding

Een insulinepomp met bijbehorend materiaal, zoals infusiesets en pleisters, wordt in principe volledig vergoed vanuit uw basiszorgverzekering. De meeste zorgverzekeraars vergoeden iedere vier tot vijf jaar een nieuwe insulinepomp. Om voor vergoeding van een insulinepomp in aanmerking te komen, moet u wel voldoen aan een aantal criteria. De diabetesverpleegkundige zal deze met u doornemen.

Contact

Als u vragen hebt of uw bloedsuikerwaarden wilt doorgeven, kunt u de diabetesverpleegkundigen op verschillende manieren bereiken.

  • Zij houden telefonisch spreekuur maandag t/m vrijdag tussen 8.30 en 12.00 uur via nummer (0592) 76 00 40.
  • U kunt e-mailen: diabetes@wza.nl.
  • U kunt gebruikmaken van MijnWZA.  

Spoed?

  • Bel in spoedgevallen binnen kantoortijden de spoedlijn van de diabetesverpleegkundigen: maandag t/m vrijdag tussen 8.00 en 16.30 uur, via nummer (0592) 76 00 48.
  • Bel bij spoed buiten kantooruren de Huisartsenspoedpost, via nummer (0900) 112 0 112.

Uw mening telt

Een compliment, tip of klacht

Wij vinden het belangrijk dat u tevreden bent over onze zorg en dienstverlening. Hebt u een compliment, een tip of een klacht? Wij horen het graag. U kunt het volgende doen:

  • Vertel het direct aan degene die er verantwoordelijk voor is.
  • Bel of schrijf onze ombudsfunctionaris.
  • Vul het formulier in dat u kunt vinden op de webpagina Uw mening telt! Hier vindt u ook meer informatie over de klachtenprocedure en uw rechten als patiënt.

De ombudsfunctionaris

  • e-mail: ombudsfunctionaris@wza.nl
  • telefoon: (0592) 32 56 24/32 55 55 (maandag t/m donderdag)
  • postadres: WZA t.a.v. de ombudsfunctionaris, postbus 30.001, 9400 RA Assen