Diabetes en zwangerschap

In het kort

Een zwangerschap als u diabetes hebt, geeft meer kans op complicaties dan normaal. Regelmatige controle van uw bloedsuikerwaarden is van groot belang om de zwangerschap zo goed mogelijk te laten verlopen. Dit geldt ook in de maanden voor de zwangerschap. Daarom krijgt u vóór en tijdens de zwangerschap extra begeleiding van uw internist en diabetesverpleegkundige. Vanwege de kans op complicaties vindt de bevalling altijd plaats in het ziekenhuis.

Vóór de zwangerschap

Als u het plan hebt om zwanger te worden, raden we u dringend aan om dit in een vroeg stadium te bespreken met uw internist of diabetesverpleegkundige. Het liefst al een half jaar van tevoren. Als uw bloedsuikergehalte rond het moment van de bevruchting sterk schommelt, is er namelijk een grotere kans op afwijkingen bij de baby (afwijkingen van het hart, de nieren, de urinewegen en de rug). Uw internist of diabetesverpleegkundige zal met u bespreken wat u kunt doen om uw bloedsuikergehalte binnen de normale waarden te houden. Het liefst een Hba1c lager dan 7% = 53 mmol.

  • Tijdens de zwangerschap moet u gewoon insuline spuiten. Als u bloedsuiker-verlagende tabletten gebruikt, moet u daar waarschijnlijk al voor de zwangerschap mee stoppen, omdat deze bij de baby afwijkingen kunnen veroorzaken. Het kan dan nodig zijn om tijdelijk insuline te spuiten.
  • Als u andere medicijnen gebruikt, die niet direct met uw diabetes verband houden, zal de internist of gynaecoloog met u overleggen of u deze tijdens de zwangerschap kunt doorgebruiken.
  • We adviseren vrouwen die zwanger willen worden om dagelijks 400 tot 500 mcg foliumzuur te gebruiken, vanaf vier weken voor de verwachte bevruchting tot tien weken erna. Het is niet erg als u met foliumzuur eerder begint of later stopt, maar het is niet aangetoond dat dit een meerwaarde heeft voor het kind.
  • Voor alle vrouwen met diabetes en een zwangerschapswens is er een speciaal spreekuur (het pre-conceptionele spreekuur). U hebt dan een afspraak met een diabetesverpleegkundige en een internist.

Tijdens de zwangerschap

Bloedsuikerschommelingen en de gevolgen voor uw baby

Onder invloed van zwangerschapshormonen is uw bloedsuikergehalte tijdens de zwangerschap meer aan schommelingen onderhevig. Sterke schommelingen in het bloedsuikergehalte vergroten de kans op een miskraam. Bovendien kan uw baby daardoor zwaarder worden dan normaal, waardoor de bevalling moeizamer verloopt en er soms een keizersnede nodig is. Ook kan de ontwikkeling van de longen trager verlopen. Probeer ervoor te zorgen dat de bloedsuikerwaarden nuchter onder de 5.3 mmol liggen en één uur ná de maaltijd onder de 7.8 mmol.

De eerste drie maanden

Over het algemeen is het bloedsuikergehalte in de eerste drie maanden van de zwangerschap lager dan normaal en is er minder behoefte aan insuline. U zult in deze periode wat vaker last hebben van hypo’s maar zolang het om kort-durende hypo’s gaat, hoeft u zich geen zorgen te maken. ’s Ochtends bij het opstaan zijn de bloedsuikerwaarden het laagst.

De vierde tot en met de achtste maand

Vanaf de vierde maand gaat het bloedsuikergehalte meestal omhoog en hebt u meer insuline nodig. Wees hierdoor extra alert op uw bloedsuikerwaarden. Om tijdens de zwangerschap uw bloedsuikerwaarden voortdurend op het juiste niveau te houden, moet de hoeveelheid insuline dus steeds worden aangepast.

De negende maand

Tegen het einde van de zwangerschap gaan de bloedsuikerwaarden weer dalen en neemt de insulinebehoefte weer af.

Bloedsuikerschommelingen en de gevolgen voor uw eigen gezondheid

Ook voor uw eigen gezondheid is het belangrijk om stabiele bloedsuiker-waarden te hebben. Als u vanwege uw diabetes last hebt van uw ogen, bloedvaten of nieren, kunnen deze klachten tijdens de zwangerschap door sterke bloedsuikerschommelingen verergeren. Uiteindelijk kan dit ook een negatieve invloed hebben op de groei van uw baby. Bij oogklachten hebt u in de zesde maand van de zwangerschap een controleafspraak bij de oogarts.

Bloedsuikercontroles

Om complicaties zoveel mogelijk te voorkomen, is goede controle van uw bloedsuikergehalte van het grootste belang.

  • Meet uw bloedsuikerwaarden iedere dag zeven keer of vaker.
  • Ten minste één keer per week geeft u telefonisch of via e-mail uw bloedsuikerwaarden door aan de diabetesverpleegkundige.
  • Als u vragen hebt of u bent onzeker, kunt u altijd tussendoor contact opnemen: telefoon: (0592) 76 00 40, op werkdagen van 8.30 tot 12.00 uur; e-mail: diabetes@wza.nl
  •  Om de drie maanden hebt u een controleafspraak bij de diabetes-verpleegkundige (drie keer per jaar) of de internist (één keer per jaar). Indien nodig vaker.
  • Voorafgaand aan ieder controlebezoek gaat u naar het lab of doet u de blauwe thuisenvelop op de post om het HbA1C-gehalte van uw bloed te laten meten. Dit geeft aan wat uw gemiddelde bloedsuikergehalte is over de twee maanden daarvoor.

De bevalling

Bij vrouwen met diabetes zal de bevalling meestal vóór de uitgerekende datum worden ingeleid.

Tijdens de bevalling kunnen de bloedsuikerwaarden schommelen en kunnen de bloedsuikerwaarden snel dalen. Ook zult u tijdens de bevalling meestal niet veel eten. Er wordt daarom een plan gemaakt voor de insuline-behandeling tijdens de bevalling. De bloedsuikerwaarden worden tijdens de bevalling elk uur gecontroleerd, door uzelf, uw partner of door de afdelingsverpleegkundige. Soms is het nodig om een infuus met glucose en insuline te geven.

Om de conditie van de baby te controleren, worden er tijdens de bevalling hartfilmpjes (CTG’s) gemaakt.

Na de bevalling

Na de bevalling verdwijnen de zwangerschapshormonen. Uw bloedsuikergehalte en insulinebehoefte worden weer als vóór de zwangerschap.

Bij een baby kan na de geboorte het evenwicht tussen insulineaanmaak en bloedsuikertoevoer in de war zijn. Daarom worden de bloedsuikerwaarden van de baby na de geboorte in de gaten gehouden (de normaalwaarden van kinderen zijn anders dan die van volwassenen).

Ongeveer zes tot tien weken na de bevalling is er een afsluitend gesprek bij de internist.

Borstvoeding

U kunt uw baby gewoon borstvoeding geven. Dit is ook het geval als u insuline spuit, want insuline komt niet in de moedermelk. Soms komt de melkproductie wat later op gang.

Als u vragen hebt over borstvoeding, kunt u terecht bij de lactatiekundigen van het WZA. Vanaf de 25e week van de zwangerschap kunt u tussen 8.30 en 16.30 uur een afspraak met hen maken via de secretaresse van de kraamafdeling (afdeling C0), telefoonnummer (0592) 32 53 70.

In de periode dat u borstvoeding geeft, zijn de bloedsuikerwaarden vaak aan de lage kant, zodat u minder insuline nodig heeft.

Contact met kraamafdeling

Bent u 26 weken of langer zwanger? Neem contact op met de kraamafdeling (afdeling C0):

  • als u insuline spuit en uw bloedglucosegehalte is lager dan 3mmol/l
  • als u insuline spuit en uw bloedglucosehalte is hoger dan 12 mmol/l

Vaak is het dan nodig om een (extra) hartfilmpje te maken van uw baby.

De kraamafdeling is te bereiken via telefoonnummer (0592) 32 50 90.

Contact met diabetesverpleegkundigen

Als u vragen hebt of uw bloedsuikerwaarden wilt doorgeven, kunt u de diabetesverpleegkundigen op verschillende manieren bereiken.
  • Zij houden telefonisch spreekuur maandag t/m vrijdag tussen 8.30 en 12.00 uur via nummer (0592) 76 00 40.
  • U kunt e-mailen: diabetes@wza.nl.
  • U kunt gebruikmaken van MijnWZA.  

Spoed?

  • Bel bij spoed binnen kantooruren de spoedlijn van de diabetesverpleegkundigen: maandag t/m vrijdag tussen 8.00 en 16.30 uur, via nummer (0592) 76 00 48.
  • Bel bij spoed buiten kantooruren de Huisartsenspoedpost, via nummer (0900) 112 0 112.

Uw mening telt

Een compliment, tip of klacht

Wij vinden het belangrijk dat u tevreden bent over onze zorg en dienstverlening. Hebt u een compliment, een tip of een klacht? Wij horen het graag. U kunt het volgende doen:

  • Vertel het direct aan degene die er verantwoordelijk voor is.
  • Bel of schrijf onze ombudsfunctionaris.
  • Vul het formulier in dat u kunt vinden op de webpagina Uw mening telt! Hier vindt u ook meer informatie over de klachtenprocedure en uw rechten als patiënt.

De ombudsfunctionaris

  • e-mail: ombudsfunctionaris@wza.nl
  • telefoon: (0592) 32 56 24/32 55 55 (maandag t/m donderdag)
  • postadres: WZA t.a.v. de ombudsfunctionaris, postbus 30.001, 9400 RA Assen

 

 

inter55 - mei 2019